16-06-08

Hypoglycemie

Als je hypoglycaemie hebt betekent dat dat je bloedsuikerspiegel te laag is. Elk orgaan van je lichaam heeft suiker nodig om te kunnen functioneren. Voor bepaalde organen, bijvoorbeeld de hersenen, is een constante toevoer van suiker zelfs van levensbelang. Als je bloedsuikerspiegel te laag wordt, produceert je lichaam hormonen die de effecten van insuline opheffen. Daardoor stijgt de bloedsuikerspiegel weer.


Hoe merk ik dat ik een hypo heb?

klik op het plaatje

 

dyn003_original_235_173_gif_2568353_b43de23013dac234a9abf39e387b5a24

Milde hypoglycaemie.

Symptomen van milde hypoglycaemie.
Waarschijnlijk waarschuwt je lichaam je als je bloedsuikerspiegel te laag wordt. Wat je voelt is het gevolg van de adrenaline die je lichaam heeft aangemaakt om je lage bloedsuikerspiegel te laten stijgen. Adrenaline wordt een tegengesteld werkend hormoon genoemd omdat het de effecten van insuline tenietdoet. Adrenaline is één van de hormonen die je lichaam aanmaakt bij stress of hypoglycaemie. Vroege symptomen van hypoglycaemie die veroorzaakt worden door adrenaline zijn trillen, zweten en hartkloppingen (snelle en krachtige hartslagen). Ondanks het feit dat het geen specifiek symptoom van adrenaline is, kun je ook honger krijgen. De vroege symptomen worden gevolgd door prikkelbaarheid, problemen met de concentratie, vaag zicht, hoofdpijn en gevoelloosheid of tintelingen in mond en lippen. Deze symptomen worden veroorzaakt door een tekort aan suiker. Daardoor kunnen je hersenen en je zenuwstelsel niet normaal meer functioneren. Niet iedereen heeft last van al deze symptomen. Een ieder ervaart een lage bloedsuikerspiegel weer anders. De symptomen kunnen na verloop van tijd ook veranderen. Bijvoorbeeld als je beter controle krijgt over je bloedsuiker. De meeste mensen met diabetes voelen het als hun bloedsuikerspiegel te laag wordt en zij handelen dan adequaat. Maar de bloedsuikerspiegel kan ook heel laag worden zonder dat er symptomen zijn. Het drinken van alcohol kan de vroege signalen van hypoglycaemie vervagen.

De behandeling van milde hypoglycaemie.
Bij milde hypoglycaemie kun je jezelf normaalgesproken helpen door suikers te eten. Als je symptomen voelt opkomen, kun je ook je bloedsuikerspiegel meten. De uitslag van de test geeft aan of hypoglycaemie de oorzaak van je symptomen is. Als je bloedsuikerspiegel 3,5 mmol/l of minder is, moet je om je bloedsuikerspiegel weer te verhogen iets eten of drinken waar snelwerkende suikers inzitten.
Er zijn natuurlijk momenten waarop het niet mogelijk is je bloedsuikerspiegel te meten. In dat geval moet je afgaan op de symptomen en tot actie overgaan (en dus iets eten of drinken waar suiker in zit).
Waarschijnlijk heb je 10 tot 20 gram suiker nodig om milde hypoglycaemie te behandelen. Je zou dan het volgende kunnen nemen :

  • 200 ml jus d'orange of appelsap
  • ½ blikje frisdrank (niet suikervrij)
  • 4 tot 6 suikerklontjes of 1 eetlepel suiker
  • 6 tot 7 kleine snoepjes (niet suikervrij)
  • 3 of 4 druivensuikers
  • 1 groot glas magere melk
  • 2 eetlepels rozijnen
  • 1 eetlepel honing

Als het nog meer dan een uur duurt voordat je gaat eten, neem dan ook een boterham of wat koekjes. Na 15 tot 30 minuten moet je je beter voelen. Anders heb je wellicht meer suikers nodig. De bloedsuikertest kan uitwijzen of je bloedsuikerspiegel dan nog steeds laag is. Als je niet kunt testen, neem dan nog een paar suikerklontjes, drink nog wat sinaasappelsap of neem een andere vorm van snelwerkende suikers.
Zorg dat je altijd iets bij je hebt dat rijk aan suiker en snel verteerbaar is en dat snel opgenomen wordt. Suikerklontjes, druivensuiker, dropjes of snoepjes zijn makkelijk mee te nemen. Chocola is zeker niet het beste middel om hypoglycaemie te behandelen. Het bevat namelijk zowel vet als suiker. En omdat vet het legen van de maag vertraagt, vertraagt het ook de opname van suikers in het bloed.

Gematigd ernstige hypoglycaemie.

Symptomen van gematigd ernstige hypoglycaemie.
Je bloedsuikerspiegel kan zo ver dalen dat je te verward wordt om jezelf te kunnen helpen. Dan heb je iemand nodig die suikers voor je haalt. In dit stadium praat je op een bepaalde manier en lijk je niet in staat je te concentreren. Je gedraagt je vreemd of agressief en je spraak wordt moeilijk te volgen. Je bewegingen worden ongecoördineerd en anderen zullen misschien denken dat je teveel gedronken hebt. En dat alles is simpelweg het gevolg van gematigd ernstige hypoglycaemie.

Het is belangrijk dat je een identiteitsplaatje draagt waarop staat dat je diabetespatiënt bent. Als je je dan vreemd gedraagt kunnen mensen die je willen helpen lezen dat je hypoglycaemie hebt en dat je gelijk suiker nodig hebt.

De behandeling van gematigd ernstige hypoglycaemie.
In dit stadium van hypoglycaemie ben je te verward om jezelf te kunnen helpen. Je bent misschien zelfs niet eens in staat iets te eten of drinken te vinden, ook al heb je een "suikersnack" binnen handbereik. Het is belangrijk dat familie, vrienden en collegae weten hoe ze je kunnen helpen. Je kunt ze het beste vertellen wat bij jou de symptomen van een lage suikerspiegel zijn en wat zij kunnen doen als je hulp nodig hebt.

Hun hulp kan bestaan uit :

  • het zoeken naar druivensuiker, suikerklontjes, snoepjes of sap in je zakken of je tas.
  • het erop aandringen dat je iets eet als je hulp weigert.
  • het bellen van een arts als je suiker weigert of het bewustzijn verliest.

     

Ernstige hypoglycaemie.

Symptomen van ernstige hypoglycaemie.
Het is mogelijk dat je bloedsuikerspiegel bij ernstige hypoglycaemie zo sterk daalt dat je het bewustzijn verliest of stuipen krijgt. Er is dan sprake van een noodgeval. Acute en adequate behandeling is nodig omdat er anders blijvende hersenschade kan ontstaan.

De behandeling van ernstige hypoglycaemie.
Bij ernstige hypoglycaemie heb je iemand nodig die je een injectie met glucagon geeft. Elke diabetespatiënt zou een glucagon injectiedoos bij zich moeten hebben. Die zijn makkelijk in gebruik. Zorg ervoor dat familie en vrienden weten waar ze de glucagon injectiedoos kunnen vinden en leer ze hoe ze hem moeten gebruiken voordat zich een noodgeval voordoet.

Als je buiten bewustzijn geraakt bent moet degene die je vindt

  • je zo neerleggen dat je hart en je hersenen op dezelfde hoogte liggen.
  • je een glucagoninjectie toedienen in een spier van je arm of je dij.
  • een ziekenauto bellen.
  • je als je bijkomt brood of een andere lichte snack geven.

Het is niet de bedoeling dat iemand probeert je iets te eten of drinken te geven als je nog bewusteloos bent. Daardoor kan er namelijk voeding in je longen terechtkomen. Ook kunnen je luchtwegen geblokkeerd raken of kan er een longontsteking ontstaan.

Je moet een glucagoninjectie krijgen omdat glucagon een hormoon is dat je bloedsuikerspiegel laat stijgen door ervoor te zorgen dat de lever meer suikers afgeeft aan de bloedbaan. De suikers worden vrijgemaakt uit een glycogeenvoorraad die is aangelegd toen de bloedsuikerspiegel nog hoger was.
Iemand met ernstige hypoglycaemie is verward en werkt niet mee. Hij of zij ontwaakt normaalgesproken 5 tot 20 minuten na een injectie glucagon. Er moet medische hulp ingeroepen worden als je bewusteloos geweest bent of als je stuipen gehad hebt. Een glucagoninjectie mag al voor er hulp gearriveerd is gegeven worden. Een medisch team kan de bloedsuikerspiegel dan nog verhogen door een glucoseoplossing rechtstreeks in de ader te spuiten.
Als iemand na bewusteloosheid bijkomt, is het belangrijk dat hij of zij snel iets eet om een volgende aanval van ernstige hypoglycaemie te voorkomen en de suikervoorraad in de lever weer op te bouwen. Brood is in dat geval een heel goed voedingsmiddel.

bron:diabetesencyclopedie

16:07 Gepost door maria in Algemeen | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |

Commentaren

Is het wenselijk nom een soort dagelijks controlesysteem ( mail, sms, telefoon,...) op te zetten om te vermijden dat een alleenwonende
een ernstige hypoglycemieaanval krijgt en er geen hulp komt ?

Wat gebeurt er wanneer er geen hulp komt bij een ernstige hypoglycemietoestand ?

Gepost door: Stoop Luc | 21-05-11

De commentaren zijn gesloten.